neem contact met ons op 085 773 20 85

WW-uitkering, Ziektewet-uitkering, WIA-uitkering

Arbeidsrecht

Alles over uitkeringen

Als de arbeidsovereenkomst is geëindigd, kan de werknemer in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de sociale zekerheid. Dit zal vaak een WW-uitkering zijn, maar dat kan een ook Ziektewet-uitkering of een WIA-uitkering zijn.

WW-UITKERING

Na afloop van het dienstverband kan de werknemer een aanvraag doen bij het UWV voor het krijgen van een WW-uitkering. Dit is een uitkering op grond van de Werkloosheidswet. Als de werknemer geen verwijt valt te maken van het einde van de arbeidsovereenkomst zal het UWV vaak deze uitkering verstrekken. Voor werkgever die eigenrisicodrager zijn voor de WW (meestal zijn dit overheidsinstanties) is het belangrijk om in de gaten te houden of de werknemer de WW-uitkering aanvraagt. Het komt namelijk nog wel eens voor dat werkgever en werknemer in het kader van een vaststellingsovereenkomst afspreken dat de werknemer zijn rechten op een WW-uitkering prijsgeeft. Ondanks deze afspraak komt het nog wel eens voor dat de werknemer toch de WW-aanvraag indient en deze toegekend krijgt. De werkgever zal dan actie moeten ondernemen richting de werknemer.

Als een werknemer tijdens de arbeidsovereenkomst ernstig verwijtbaar heeft gehandeld (door bijvoorbeeld diefstal te plegen) zal er in beginsel een recht op een WW-uitkering zijn. De werknemer heeft dan niet alleen zijn baan verloren, maar komt ook niet in aanmerking voor een WW-uitkering. Dit zijn ernstige financiële gevolgen. De werknemer kan dan niet anders dan binnen twee maanden na afloop van het dienstverband een verzoekschrift in te dienen bij de kantonrechter om het einde van de arbeidsovereenkomst aan te vechten. Een WW-aanvraag kan er nog wel eens toe leiden dat er een voorschot op de WW-uitkering wordt verstrekt. Als de kantonrechter echter van mening is dat de werkgever het dienstverband mocht beëindigen, moet het voorschot aan het UWV worden terugbetaald.

ZIEKTEWET-UITKERING

Werknemers met een contract voor bepaalde tijd die ziek uit dienst gaan, hebben recht op een Ziektewet-uitkering. Deze uitkering kan worden aangevraagd bij het UWV. Als een werknemer uit dienst treedt, zal de werkgever dit door moeten geven aan het UWV. Daarbij moet kenbaar worden gemaakt of de werknemer ziek uit dienst is gegaan. Als dat het geval is, kan dat gevolgen hebben voor de gedifferentieerde premies. Deze kunnen omhoog gaan. Als de werkgever daarnaast eigenrisicodrager voor de Ziektewet-uitkering is, kan het verstandig zijn om de zieke werknemer nog een contractverlenging aan te bieden als er zicht is op herstel binnen afzienbare termijn. Als het contract wordt verlengd, heeft u als werkgever wat meer invloed uitoefenen op de controle en re-integratie van de medewerker, die dan immers nog steeds in dienst is.

WIA-UITKERING

Na 104 weken arbeidsongeschiktheid zal het UWV beoordelen of de werknemer recht heeft op een WIA-uitkering. Voordat de verzekeringsarts van het UWV een medische inschatting maakt van de ziekte van de werknemer, beoordeelt een arbeidsdeskundige eerst het re-integratiedossier. De arbeidsdeskundige kijkt dan of de werkgever voldoende inspanningen heeft verricht in het kader van de re-integratie. Als de arbeidsdeskundige van mening is dat de werkgever steken heeft laten vallen, kan een loonsanctie worden opgelegd. Dat houdt in dat de werkgever voor de duur van één jaar het salaris zal moeten blijven betalen en de werknemer zal moeten re-integreren. Gedurende dit jaar geldt dan nog steeds het opzegverbod bij ziekte. Vindt de arbeidsdeskundige dat de werkgever voldoende aan de re-integratie heeft gedaan, dan wordt de WIA-aanvraag in behandeling genomen.

De WIA-beoordeling bestaat uit twee gedeelten. Eerst kijkt de verzekeringsarts naar de beperkingen van de werknemer. De werknemer wordt dan voor een gesprek met de verzekeringsarts uitgenodigd. De verzekeringsarts stelt een functionele mogelijkheden lijst op (FML). Na deze medische beoordeling zal een arbeidsdeskundige onderzoeken of er – met inachtneming van de beperkingen – arbeidsmogelijkheden zijn voor de werknemer waarna de arbeids(on)geschiktheid wordt bepaald.

Als de werkgever eigenrisicodrager is voor de WIA-uitkering, zal de WIA-uitkering betaald moeten worden door de werkgever. Ook zal de werkgever verantwoordelijk blijven voor de re-integratie. De werkgever kan tegen de beslissing van het UWV bezwaar maken om deze kosten mogelijk te voorkomen.

BEZWAAR

Niet alleen werknemers, maar ook werkgever die een belang hebben (bijvoorbeeld de eigenrisicodragers) kunnen tegen een beslissing van het UWV een bezwaarschrift indienen. Let er daarbij op dat dit bezwaar binnen zes weken na het besluit van het UWV door het UWV moet zijn ontvangen. Bent u te laat, dan wordt het bezwaar niet in behandeling genomen tenzij er een hele goede reden is waarom het bezwaarschrift te laat is ingediend.

BEROEP

Als het UWV een beslissing op bezwaar heeft gegeven, kan daartegen een beroepschrift worden ingediend bij de bestuursrechter. Het beroep moet binnen zes weken na de datum van het besluit door het UWV door de rechtbank zijn ontvangen.

Heeft u vragen over een van bovenstaande uitkeringen? Of wilt u bezwaar maken tegen een beslissing van het UWV en wilt u hier graag over sparren? Belt u dan gerust met Kirsten Roskam of Stephanie Profijt. Zij helpen u graag verder.

Heeft u een vraag voor ons?

Uw SPRAAQmakers

Shopping Basket
×